Stadspoorten Leiden

Inleiding | Bouwwerken | Kaart | Tijdlijn
Sorteer bouwwerken op beginjaar | eindjaar | naam

Blauwe Poort, Leiden

In 1601 begon men met de bouw van een nieuwe poort ter vervanging en verbetering van de Rijnsburgerpoort. De bouw duurde enkele jaren en was pas in 1610 gereed. De poort werd ontworpen door Coenraedt van Noerenberch. De toren, een toevoeging uit 1677, werd ontworpen door stadsarchitect Willem van der Helm. Met de bouw van de Morspoort verloor de Blauwe poort definitief zijn functie. Pas in 1734 werd de Blauwe poort gesloopt.

Herepoort, Leiden

Na de stadsuitleg van 1644 werd aan het einde van de Herengracht een eenvoudige bakstenen poort gebouwd. In 1682 werd deze poort gesloopt en vervangen door een nieuwe. De poort werd voornamelijk gebruikt als toegang tot de tuinen buiten de stad en was daardoor niet van groot belang. In 1883 werd de poort gesloopt.

Hogewoerdsbinnenpoort, Leiden

De Hogewoerdsbinnenpoort is een voormalige stadspoort in de Nederlandse stad Leiden. Deze stadspoort bevond zich ten westen van de Hogewoerdsbuitenpoort. De poort werd in 1669 gebouwd op de plaats van de tijdelijke oplossing, twee kolommen met deuren ertussen, uit 1659. In 1876 werd de poort afgebroken.

Hogewoerdspoort, Leiden

In 1659 werd de stad aan de oostzijde uitgebreid. Hierdoor kwam de Oude hogewoerdspoort binnen de stad te liggen en verloor haar funcie. Deze oude poort werd afgebroken en aan de rand van de stad opnieuw opgebouwd en voorzien van een extra binnenpoort aan de stadszijde. Dit bleek een tijdelijke oplossing: in 1669 verrees aan de stadszijde van het bolwerk een nieuwe binnenpoort naar een ontwerp van Willem van der Helm. Deze poort is in 1878 gesloopt. Enkele jaren daarvoor was de buitenpoort al onder de sloophamer verdwenen.

Koepoort, Leiden

De Koepoort is een voormalige stadspoort in Leiden. De poort bevond zich aan de zuidkant van de stad, aan het eind van de huidige Doezastraat. Voor de poort lag een brug over de Witte Singel. De naam van de huidige brug op die plek, de Koepoortsbrug, herinnert nog aan deze stadspoort. Het bouwwerk was een ontwerp van Willem van der Helm en werd opgetrokken in 1671-72. De poort ontleent zijn naam aan het feit dat via deze poort het vee de stad in en uit gebracht werd. De Koepoort werd in 1864 gesloopt.

Marepoort, Leiden

De Maretoren werd in 1602 omgebouwd tot stadspoort. Dit was nodig omdat de stad graag een verbinding wilde met de Maredijk aan de noordzijde van de stad. De poort is afgebeeld op een gevelsteen die thans is ingemetseld in Lange Mare 36. De poort was in bakstenen gemetseld en voorzien van natuurstenen banden. Lang heeft de poort niet gefunctioneerd. Met de stadsuitbreiding van 1611 verloor hij zijn functie en werd al snel afgebroken. In 1954 zijn de funderingen van de poort aan het licht gekomen

Marepoort, Leiden

Met de stadsuitleg van 1611 verloor de Oude Marepoort aan de Oude Vest haar functie. Deze werd echter niet meteen vervangen door een nieuwe poort aan de rand van de stad. Het duurde tot 1627 voordat de stad Leiden hier daadwerkelijk mee begon. Men bouwde een bescheiden bakstenen poortgebouw aan de westzijde van de Mare. Hier kwam de Maredijk uit op de stad en deze toegangsweg sloot met een brug direct aan op de poort. Deze poort is tot 1665 in gebruik geweest. Met de aanleg van de Trekvaart en trekweg op de oostelijke oever werd hij afgebroken en vervangen door een grotere en modernere poort aan de oostzijde van de Mare. Deze poort was ontworpen door stadsarchitect Willem van der Helm en had een imposante monumentale uitstraling. De poort werd in 1884 gesloopt. In 1984 zijn de funderingen van de Marepoort aan de westzijde van de Mare opgegraven. In 2003 volgde een opgraving van de funderingen van de poort aan de westzijde van de Mare. Beide poorten zijn heden ten dagen nog in het straatwerk te herkennen.

Marepoort, Leiden

Met de stadsuitleg van 1611 verloor de Oude Marepoort aan de Oude Vest haar functie. Deze werd echter niet meteen vervangen door een nieuwe poort aan de rand van de stad. Het duurde tot 1627 voordat de stad Leiden hier daadwerkelijk mee begon. Men bouwde een bescheiden bakstenen poortgebouw aan de westzijde van de Mare. Hier kwam de Maredijk uit op de stad en deze toegangsweg sloot met een brug direct aan op de poort. Deze poort is tot 1665 in gebruik geweest. Met de aanleg van de Trekvaart en trekweg op de oostelijke oever werd hij afgebroken en vervangen door een grotere en modernere poort aan de oostzijde van de Mare. Deze poort was ontworpen door stadsarchitect Willem van der Helm en had een imposante monumentale uitstraling. De poort werd in 1884 gesloopt. In 1984 zijn de funderingen van de Marepoort aan de westzijde van de Mare opgegraven. In 2003 volgde een opgraving van de funderingen van de poort aan de westzijde van de Mare. Beide poorten zijn heden ten dagen nog in het straatwerk te herkennen.

Noortpoort, Leiden

In de oudste stadsmuur van Leiden lagen drie poorten. De Noort- of Haagpoort lag aan het einde van de Breestraat en sloot de weg af naar Den Haag. De poort was oorspronkelijk van hout gebouwd en dateert ongeveer in het middel van de 13e eeuw. Bij de stadsuitbreiding van 1386 was de Noortpoort niet meer nodig, hij was immers binnen de stadsmuren komen te liggen. Toch bleef hij nog een tijd overeind staan. Tijdens het beleg van 1420 deed hij dienst en tot in 1434 zijn er rekeningen bekend van het onderhoud van de poort. De poort is in 1466 gesloopt.

Oude Hogewoerdspoort, Leiden

In 1659 werd de stad aan de oostzijde uitgebreid. Hierdoor kwam de Oude Hogewoerdspoort binnen de stad te liggen en verloor haar functie. Deze oude poort werd afgebroken en aan de rand van de stad opnieuw opgebouwd en voorzien van een extra binnenpoort aan de stadszijde. Dit bleek een tijdelijke oplossing: In 1669 verrees aan de stadszijde van het bolwerk een nieuwe binnenpoort naar een ontwerp van Willem van der Helm. Deze poort is in 1878 gesloopt. Enkele jaren daarvoor was de buitenpoort al onder de sloophamer verdwenen.

Oude Koepoort, Leiden

Aan de zuidzijde van de stad, waar de weg uit Zoeterwoude de stad in kwam, lag de Koepoort. Deze poort werd al voor 1400 gebouwd, maar in die tijd was de oude poort langs het Rapenburg (de Witte poort in de Vliet) nog steeds in gebruik. Sterker nog, de oude poort was waarschijnlijk belangrijker want deze was bemand met meer wachters dan de nieuwe. Na het beleg in 1420 is de oude poort buiten gebruik gesteld en nam de Koepoort de functie van zuidelijke toegangspoort definitief over. Veel is er niet bekend van deze poort. Kaarten uit het midden van de 16e eeuw laten zien dat het een eenvoudige poort was waar een ronde toren voor was gebouwd. Via een halfronde brug bereikte men vanuit het zuiden over de vestgracht de poort. Vlak voor het beleg van Leiden in 1572 werd de poort met aarde gevuld en buiten gebruik gesteld. Na het ontzet werd de poort weer in gebruik genomen en in 1592 grondig verbouwd waarbij ook een nieuwe brug werd gebouwd. In 1671 besloot het stadsbestuur de Koepoort geheel te slopen en opnieuw op te bouwen naar een ontwerp van Willem van der Helm.

Oude Zijlpoort, Leiden

De oostzijde van de Haarlemmerstraat werd afgesloten door de Oude Zijlpoort. Deze poort is vermoedelijk in 1355 in hout gebouwd en in 1390 opnieuw in steen opgetrokken. Door opgravingen, rekeningen en oud kaartmateriaal weten we dat rond 1500 een bastion werd gebouwd voor de poort. Dit was een grote ronde gemetselde toren met een doorsnede van wel 14 meter. Het bastion moest er voor zorgen dat de muren aan weerszijden van de poort beter verdedigd konden. Om de stad te bereiken moest men eerst via een brug naar het bastion en vervolgens via een tweede brug van het bastion naar de poort lopen. Bij de stadsuitleg van 1644 werd verder oostwaarts een nieuwe Zijlpoort gebouwd. Hiermee was de oude Zijlpoort niet meer nodig. Het duurde echter nog tot 1646 voordat de oude poort werd afgebroken.

Poort Costverloren, Leiden

De poort Costverloren vormde de afsluiting van de voorstad op de Hogewoerd, die al in de 13e eeuw was ontstaan. Wanneer de poort precies gebouwd is, is niet bekend. Hij wordt voor het eerst in historische bronnen genoemd in 1389 maar verwacht mag worden dat hij al in de 13e eeuw ontstaan is. Rond 1294 werd aan de oostzijde van de stad een stadsvest gegraven. Hiermee werd de poort Costverloren onderdeel van de stadsomvesting. Uit oude rekeningen van reparaties blijkt dat de poort oorspronkelijk twee torens had. In 1426 vonden grootschalige reparaties aan de poort plaats. Hierbij werd ook een bastion gebouwd in de vestgracht voor de poort. Dit bastion was gebouwd van hout en was via een brug verbonden met de poort. Vlak erna zal de poort zelf in steen zijn herbouwd en voorzien van vier torens. Enkele decennia later, tussen 1497 en 1499, werd de poort opnieuw versterkt. Ditmaal werd het bastion vervangen door een gemetseld bolwerk. Bij de stadsuitbreiding van 1659 bouwde men verder oostwaarts een nieuwe poort. Hiermee was de oude Hogewoerdspoort niet meer nodig en deze werd al snel afgebroken.

Rijnsburgerpoort, Leiden

De westzijde van de stad werd afgesloten door de Lopsenpoort. Deze poort dankt haar naam aan het klooster Lopsen dat vlak buiten de poort lag. In 1396 werd van hieruit een nieuwe weg naar Rijnsburg aangelegd waarna de poort Rijnsburgerpoort werd genoemd. De poort wordt voor het eerst vermeld in de rekeningen van 1412/1413. Het was een eenvoudige poort met twee torens. Net als bij de andere stadspoorten werd na het beleg van 1420 in 1426 een bastion gebouwd in de vestgracht voor de poort. In dit geval bouwde men een houten bastion.

Rijnsburgerpoort, Leiden

De Haarlemmerpoort of Rijnsburgsepoort lag in de nieuwe vestinggordel die in 1611 is aangelegd. Aanvankelijk stond hier een houten poortgebouw maar deze is in 1632 herbouwd in steen naar een ontwerp van Jan Jacobsz. van Banchem. Aan het einde van de 19e eeuw werd de poort gesloopt.

St. Jorispoort, Leiden

In de 13e eeuw ontstond de voorstad op de Hogewoerd. Het is niet duidelijk of dit deel van de stad ooit ommuurd is geweest. Wel was er sprake van twee poortgebouwen: poort Costverloren op de Hogewoerd en de St. Jorispoort. Historische bronnen maken namelijk melding van het Sint Joris poorthuys. We lokaliseren dit poorthuis aan het einde van de St. Jorissteeg, die toegang gaf tot de St. Jorisdoelen. Veel is er niet bekend over deze poort en we weten niet hoe hij er uit zag. Na de stadsuitbreiding van 1386 en het slopen van de St. Jorisdoelen in 1426 zal de poort snel gesloopt zijn.

Witte Poort, Leiden

Op de plaats waar de Vliet de stad instroomde lag de Witte poort. Het was een kleine poort, alleen bestemd voor voetgangers en vee. Het water van de Vliet stroomde via een watergat onder de poort door. Naast de poort stond een wachthuis voor de bewakers van de poort. De poort wordt voor het laatst vermeld in 1426. Daarna zal hij snel verdwenen zijn en vervangen door de Koepoort.

Witte Poort, Leiden

De Nieuwe Haagpoort of Witte Poort scheidde de stad van de weg naar Den Haag en was daarmee een belangrijke toegang tot de stad. Alhoewel dit deel van de stad al in 1386 was ontstaan begon men pas na het beleg van 1420 aan de bouw van deze stadspoort. Tot die tijd zal de meer oostelijk gelegen Haag- of Noortpoort in gebruik zijn gebleven. De poort is direct in steen opgemetseld en men bouwde tegelijkertijd een houten voorverdediging (bastion) voor de poort. Deze houten bastie werd in 1498 in steen vervangen. Het belang van de poort is goed te zien aan de fraaie afwerking: hij was groot en hoog, voorzien van een voorpoort en een hoofdpoort en geflankeerd door vier torens.

Witte poort, Leiden

In 1650 besloot Leiden om een nieuwe monumentale poort te bouwen ter plaatse van de middeleeuwse Witte Poort. Van de oude poort stonden nog de vier hoektorens. Twee hiervan werden opgenomen in het nieuwe ontwerp

Zuid- /Oostpoort, Leiden

De Zuid- of oostpoort sloot de Breestraat aan de oostzijde van de stad af. Over deze poort is niet veel bekend. Dat komt vooral doordat hij maar heel kort in gebruik is geweest. Al in de 13e eeuw had zich buiten de poort een voorstad op de Hogewoerd gevormd. Deze voorstad had waarschijnlijk al in de 13e eeuw een eigen stadspoort waardoor de Zuid- of oostpoort weinig functie meer had. Waarschijnlijk is de houten poort nooit in steen vervangen.